2e Jaarcompetitie wedstrijd
Vecht - zaterdag 10 oktober 2026
Wat een prachtige weken hebben we gehad. Natuurlijk hebben we ook gevist en wel in de Vecht, bij Nederhorst den Berg. Het waren voornamelijk voorns die we vingen en niet van die kleintjes ook! Brasems zagen we niet in grote getale, maar we vingen er verschillende. Daarnaast waren er baarzen en veel grondels, vooral als je een piertje aanbood.
Eigenlijk stond vandaag de Melm op het programma maar er moest geruild worden vanwege dijkbegrazing door schapen o.i.d.
Met de voornvangsten in de Vecht vinden we die wissel niet erg.
Ook bij Eembrugge werd flink vis gevangen en wederom vooral voorn.
We hebben er dus zin in vandaag.
Het weer is altijd een belangrijke factor als je gaat vissen. Zeker als je niet kunt kiezen wáár je gaat vissen. De windrichting kan dan een storende factor zijn en zeker als er ook regen bij valt!
Vandaag was zo’n dag. Iedereen hield de verwachtingen nauwkeurig in de gaten.
Uiteindelijk viel het mee: de wind was veranderlijk van richting en sterkte pas aan tegen het eind van de ochtend en regen viel er in een stuk of drie korte buitjes, waarbij de paraplu uitkomst bood.
De temperatuur was met 14° niet al te hoog, een goed vest onder je jas hield de warmte binnen.
We verzamelen om 6:45 uur bij de invalidenparkeerplaats aan het Hilversums Kanaal. Het is er pikdonker. John is er al, samen met Erwin, die met hem mee rijdt. Ook Erik is er al vroeg bij.
Al snel wordt de rij auto’s langer en neemt de drukte bij de auto van John, waar de loting is, toe. Het is een gezellig samenzijn en het is droog!
De eerste die loot is Erwin. Hij pakt direct nummertje één uit de volle bak. Ongelooflijk!
Als iedereen voorzien is van een nummer en een puntenkaart kan er vertrokken worden op de numerieke volgorde.
Erwin en John gaan als eersten, zij rijden met elkaar mee. Dat is de reden dat Erwin John de keuze geeft om een plek te kiezen. Er wordt gekozen voor ‘het stuk bij de verffabriek’, ook wel ‘het stuk bij het theehuisje’, of ‘het stuk na het bruggetje’. Er zijn niet al te veel plekken daar, het is er diep en je kunt er goed parkeren.
Erwin zou er niet gaan zitten, als hij individueel gekozen zou hebben.
Ik heb nr. 7 getrokken en vertrek ook als het mijn beurt is. De plek waar ik wil vissen is nog vrij. Parkeren, hoofdlampje op, auto uitpakken en visplek opbouwen.
Dat laatste is oppassen geblazen. Door de regelmatig te agressieve vaarstijl van de Iglokapiteins kalven de kanten flink af door de golfslag die zij veroorzaken. Er onstaan gaten, holen en verzakkingen. Je plateau opzetten vereist dus de nodige aandacht.
Nadat ik zelf tijdens het vissen met kist en al in zo’n ‘sinkhole’ verdween heb ik een oplossing bedacht die goed blijkt te werken: ‘een anti-sinkhole-plank’. Ff AI er op losgelaten, ben namelijk niet in de buurt van mijn plankie om een foto te maken.
Nog best lastig om een goede beschrijving te geven. Dat AI is ook zo dom, of ben ik zo slim, je moet alles voorkauwen. Maar goed, de uitwerking is dan wel mooi en in het echie heb ik er veel gemak van!
Hopelijk heeft iedereen een visplek gevonden. We zijn met z’n 15’en en hebben allemaal een auto/bus/aanhanger bij ons en parkeren is niet heel makkelijk. Laat staan als we er met de hele club van 20 zijn.
Voor een aantal is het de eerste keer op deze plek, dus dat is even wennen.
Tip: bel een collega visser op en vraag deze van tevoren een keer met jou de plek te verkennen of, nog beter,ga er zelfs een keertje vissen.
Ok, dit terzijde, terug naar de match van vandaag.
Als ik alles uitgepakt en opgebouwd heb, ga ik een tuigje aan mijn hengel bevestigen. Ik trek mijn tuigenlade open en grijp direct mis. De hele lade ontbreekt uit mijn kist. Nee toch….., die staat nog thuis in de woonkamer, waar ik hem gerepareerd heb. Dom, dom, dom.
In mijn hoofd kraakt het. Nou doet het dat altijd wel, maar nu kraakt het anders. Er vliegen ‘tig’ mogelijke oplossingen voorbij, mijn hartslag is verhoogd en ik krijg het té warm: noemen ze dat niet stress? Wat een warboel. Maar, snel herpakken, diep uitademen en alle opties nalopen. In mijn kist zitten nog 2 dozen met tuigen: lichte en zware. Ik ben dus zelf de eigenaar van de oplossing. Ook een extra hakensteker heb ik bij me. Kortom: probleem opgelost, de hartslag daalt en mijn kacheltje wordt minder warm.
Ik monteer het tuigje waar een 2 grams dobbertje aan zit en besluit eerst op 7m te vissen.
Uitpeilen en daarna voeren: 4 kleine balletjes met vooral aarde en wat zwarte leem, gemengd met wat casters, dode maden en wat los, nat, voer. Ik werp ze met de hand. Ze zullen snel uit elkaar vallen en een mooi voertapijtje op de bodem veroorzaken.
Daarna breng ik met de cup 2 bolletjes voer met veel bruine leem en gemengd met casters, hennep en levende maden. Het zal wel even duren voordat deze bolletjes uit elkaar vallen.
Daar is de vis wel even zoet mee, verwacht ik.
Hetzelfde doe ik ook op 9,5m. Die plek zal ik voorlopig met rust laten.
De eerste vis vang ik snel: een grondel. Je ontkomt er haast niet aan in de Vecht. Ze vinden maden lekker, liggen te wachten op de bodem en mijn dobber is dus uitgepeild met staande haak, dat is goed, al heb ik een hekel aan grondels vangen!
Na nog een grondel vang ik een voorntje. Mooi, laat je familie maar komen!
Dan z’n broertje, ook te klein dus. Weer even niets…. Dan een grotere. Ja, dat voelt goed aan. Goed zo jongens (genderneutraal bedoeld), kom maar bij ome Harry, hij is er klaar voor!
En….ze komen! Ik ben ineens heerlijk bezig, de vis lijkt gearriveerd en ik vang mooie maatse voorns met af en toe een kleinere ertussen. Ook een baars dient zich aan.
Toch kan ik niet zeggen dat het geweldig gaat. Er zijn driften bij dat ik geen tikje krijg, soms meerdere driften lang. Is de vis weg, waren het er maar een paar, lig er brasem te rommelen op de voerplek???
Hup dobber omhoog, wurm aan de haak en wat casters bijvoeren. Het helpt! Ik haak iets groots. Het voelt aan als een met modder gevuld plastic tasje dat ik langzaam omhoog beweeg. Ineens schiet de haak los en vliegt mijn tuigje door de lucht. Gelukkig niet de boom in. Was het een lijnzwemmer?
Snel weer een wurm aan de haak en inwerpen. Het duurt even maar mijn dobber komt iets omhoog en verdwijnt langzaam onder het wateroppervlak. Ik sla….. Bam, raak. De top staat krom en de brasem doet zijn best los te raken, wat niet lukt….dacht ik. Opnieuw schiet de haak los en weer vliegt mijn dobber door de lucht, grrrrrrr @&€!?#$¥%……
Blijkt dat het onderste stukje lijn is gebroken net onder het eerste loodje. Een zwakke plek in de lijn dus. Balen.
Lijn weer fixen, nieuw haakje eraan en dóór….!
Het blijft rustig. De wurm verleidt geen vis om te bijten.
Dan maar weer terug naar maden en een staande haak. Een grondel, nog één, een baars, een klein voorntje. Om gek van te worden.
9:00 uur, Gert belt: ‘hoe gaat het?’
Niet best dus, 10 vissen tot nu toe. De voorn ligt hier (nog) niet.
‘Bij ons is het dan beter: ik heb er 30 en John al een stuk of 50. Erwin weet ik niet, die zit iets verder.’
De vis ligt dus wel dichter bij Vreeland, bij de verffabriek, het theehuis en de kade aldaar. Dan heb ik vandaag weer vette pech, tenzij de loop er nog in komt, het is nog vroeg, al staat de Vecht er om bekend dat het na 10h afgelopen is.
Dus blijf ik geconcentreerd door vissen. Maar het loopt gewoon niet, wat ik ook doe. De beten blijven uit, zelfs als ik wat losser voer presenteer. Ok, ik heb er nog wel wat voorns bijgevangen, maar de beten blijven heel lang uit, of beperkt tot een klein tikje. Zelfs de grondels laten zich niet meer zien….
De tijd duurt nu lang, ook al blijf ik van alles proberen en mijn voerplekken onderhouden. Ik merk dat ik vissen op deze wijze niet leuk vind en begin op de klok te kijken.
Voortijdig inpakken doe ik niet, maar de gedachte speelt wel door mijn hoofd.
Als het uiteindelijk 12h is, mag ik gelukkig stoppen. De teller staat op 17, daar moet ik het mee doen, terwijl ik een aantal keer eerste was op deze plek. Zeer teleurstellend dus.
Melis komt voorrijden met zijn bus om de vis te meten. Hij heeft ook heel matig gevangen, evenals de anderen op dit stuk van de Vecht, vóór het bruggetje: Erik, Gerrit, Enzio, Benjamin, Marinus, Willem, John Hu., Arie, Peter, Jonathan. Allen hebben we nog niet de helft gevangen van wat de eerste drie hebben ‘aan de andere kant van het bruggetje’.
De wind is inmiddels flink opgestoken en koelt alles en iedereen af.
Na het meten vertrekken we richting parkeerplaats in Vreeland.
Daar kletsen we na, lopen ter plekke wat stekken af met vissers die ‘nieuw’ zijn, eten een boterham, drinken een bak thee/koffie en deelt Jonathan, als verrassing, chocoladekoeken uit die in een ommezien zijn verdwenen. Jonathan snapt het en maakt er werk van!
Als alle punten geteld zijn maakt John de stand bekend.
De eerste plek gaat naar Gert, met maar liefst 92 maatse vissen.
Tweede is Erwin geworden met 76 vissen. Hij was op deze plek nooit gaan zitten als hij John, met wie hij meerijdt, de plekkeuze niet gegund had. Wat een geluk.
John wordt derde,, met 75 vissen, sportief van hem.
Zij gedrieën vangen meer vis dan alle anderen bij elkaar….
Gefeliciteerd heren! Lekker gescoord!
De volgende wedstrijd voor de winterpauze is bij de Melm, over drie weken. Ben benieuwd of daar door iedereen nog wat vis te vangen is…..
Door:
Harry Snoekbaars